Consultant forensisch onderzoek FIC
Consultant forensisch onderzoek


GERECHTELIJKE DESKUNDIGEN
FORENSISCHE ANALISTEN

FIC Windows Utilities
FIC Windows Utilities

Wetgeving - Rechtspraak





    DESKUNDIGEN - TECHNISCHE ADVISEURS ^

    PLAATSOPNEMING: ^
  1. Artikelen 180 - 182 Wetboek van Strafvordering (Wet 4620/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - plaatsopneming, wijze van uitvoering, afbeeldingen en experimenten.

    DESKUNDIGEN: ^
  1. Artikelen 183 - 202 Wetboek van Strafvordering (Wet 4620/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - deskundigenonderzoek in strafprocedures.
  2. Presidentieel Decreet 342/1977 “Reglement voor de werking van de Directie Criminalistische Diensten en haar regionale diensten”, zoals gewijzigd en van kracht.
  3. Artikelen 368 - 390 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering - deskundigenonderzoek in civiele procedures.
  4. Artikelen 159 - 166 Wetboek van Administratieve Rechtsvordering (Wet 2717/1999, zoals gewijzigd en van kracht) - deskundigenonderzoek in administratieve procedures.

    GETUIGEN MET BIJZONDERE KENNIS: ^
  1. Artikel 203 Wetboek van Strafvordering (Wet 4620/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - Verhoor van personen met bijzondere technische of wetenschappelijke kennis als getuigen.
  2. Opmerking: De desbetreffende verklaringen en conclusies die ter zitting worden ontwikkeld, worden in het proces-verbaal van de zitting opgenomen overeenkomstig Artikel 141 lid 2 Wetboek van Strafvordering (Wet 4620/2019, zoals gewijzigd en van kracht), wanneer de omstandigheden dat vereisen.

    TECHNISCHE ADVISEURS: ^
  1. Artikelen 204 - 208 Wetboek van Strafvordering (Wet 4620/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - technische adviseurs in strafprocedures.
  2. Artikelen 391 - 392 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering - technische adviseurs in civiele procedures.
  3. Artikelen 167 - 168 Wetboek van Administratieve Rechtsvordering (Wet 2717/1999, zoals gewijzigd en van kracht) - technische adviseurs in administratieve procedures.

    RECHTSPRAAK BETREFFENDE DESKUNDIGEN - TECHNISCHE ADVISEURS: ^
  1. Nr. 140/1953, beslissing van de Hoge Raad.
  2. Nr. 8/1964, beslissing van de Hoge Raad in raadkamer.
  3. Nr. 243/1980, rechtspraak van het Hof van Beroep te Athene.
  4. Nr. 4/1982, advies van de procureur-generaal bij de Hoge Raad.
  5. Nr. 13/1989, advies van de procureur-generaal bij de Hoge Raad.
  6. Nr. 44/1997, beslissing van de Militaire Rechtbank te Chania.
  7. Nr. 1443/1999, beslissing van de Hoge Raad in raadkamer.
  8. Nr. 956/2003, beslissing van de Hoge Raad, Vijfde Strafkamer, in raadkamer.

WETTELIJK KADER VAN HET BALLISTISCHE VAKGEBIED ^
    VROEGER GELDEND RECHTSKADER: ^
  1. Presidentieel Decreet 198/1992 (Staatsblad A' 92/1992): overeenkomstig artikel 1 beschikte de Afdeling Laboratoria – Chemie van de Directie Criminalistische Onderzoeken over de bevoegdheden van de artikelen 48 tot en met 54 van Presidentieel Decreet 342/1977.
  2. Overeenkomstig artikel 50 van Presidentieel Decreet 342/1977 behoorde tot de taken van het Bureau Vuurwapens en Werktuigsporen het overdragen aan het Chemisch Laboratorium, voor verder onderzoek en analyse, van sporen of bewijsstukken afkomstig van vuurwapens, patroonhulzen, kogels, explosieve mechanismen, projectielen en andere verwante voorwerpen.
  3. Overeenkomstig de Presidentiële Decreten 14/2001 en 178/2014 werden deze bevoegdheden binnen het geldende organisatorische kader van de Directie Criminalistische Onderzoeken geherstructureerd en nader gespecificeerd.

    GELDEND RECHTSKADER: ^
  1. Presidentieel Decreet 14/2001 “Organisatie van de diensten van de Griekse Politie”, artikel 30: bepaalt de opdracht van de Directie Criminalistische Onderzoeken en de structuur van haar diensten.
  2. Presidentieel Decreet 178/2014 “Organisatie van de diensten van de Griekse Politie”, artikel 30 lid 19: de Afdeling Laboratoria voor Vuurwapens en Werktuigsporen behandelt en onderzoekt, op verzoek van de onderzoeksautoriteiten, sporen en bewijsstukken afkomstig van strafbare feiten of incidenten van politiebelang.
  3. Benaming van de laboratoria en bureaus van deze afdeling: (a) Laboratorium voor Wapen- en Munitietechnologie – Onderzoek van de Plaats Delict – Ballistiek, (b) Laboratorium voor Vergelijkend Onderzoek van Vuurwapensporen, (c) Laboratorium voor Werktuigsporen, (d) Laboratorium voor Herstel van Chassis- en Motornummers van Voertuigen, (e) Laboratorium voor Sleutelonderzoek, (f) Bureau voor correspondentie inzake bewijsstukken.
  4. Deze bevoegdheden omvatten onder meer de juridische kwalificatie van bewijsstukken volgens de geldende wapenwetgeving, de reconstructie van plaatsen delict waar vuurwapens zijn gebruikt, het onderzoek van markeringen en het herstel van gewiste of gewijzigde identificatiegegevens, proefschieten, vergelijkend onderzoek van patroonhulzen en kogels, alsmede onderzoek van werktuigsporen, sleutels en sloten.

WAPENS - MUNITIE EN VERWANTE VOORWERPEN^
    GELDEND KADER VOOR WAPENS - MUNITIE: ^
  1. Wet 2168/1993 “Regeling van aangelegenheden betreffende wapens, munitie, explosieve stoffen, explosieve mechanismen en andere bepalingen” (Staatsblad A' 147/3-9-1993), zoals gewijzigd en thans van kracht, in het bijzonder bij Wet 4678/2020, artikel 20 van Wet 4937/2022, Wet 5187/2025 en Wet 5256/2025.
  2. Artikelen 187 en 187Α van het Wetboek van Strafrecht (Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) — criminele organisatie, bende en terroristische handeling.

    KADER VAN DE EUROPESE UNIE: ^
  1. Richtlijn (EU) 2021/555 betreffende de controle op de verwerving en het voorhanden hebben van wapens, als het gecodificeerde geldende kader dat het vroegere kader van Richtlijn 91/477/EEG vervangt.
  2. Richtlijn (EU) 2017/853, waarbij Richtlijn 91/477/EEG werd gewijzigd, behouden als historisch/wijzigend kader dat thans is opgenomen in Richtlijn (EU) 2021/555.
  3. Uitvoeringsverordening (EU) 2015/2403 van de Commissie betreffende gemeenschappelijke richtsnoeren inzake normen en technieken voor het onbruikbaar maken van vuurwapens.
  4. Uitvoeringsrichtlijn (EU) 2019/68 van de Commissie betreffende technische specificaties voor de markering van vuurwapens en hun essentiële onderdelen.
  5. Verordening (EU) 2025/41 betreffende maatregelen inzake invoer, uitvoer en doorvoer van vuurwapens, essentiële onderdelen en munitie.

    HISTORISCH / VOORHEEN GELDEND KADER: ^
  1. De volgende bepalingen en besluiten worden vermeld als historisch of eerder geldend kader en worden voor documentatiedoeleinden behouden.
  2. Wet 29 van 30 april–11 mei 1943 “Over de gevallen waarin de openbare macht wapens mag gebruiken” (Staatsblad A' 123/1943).
  3. Wet 495/1976 — VOORMALIGE WET “Over wapens, explosieve stoffen, explosieve mechanismen en bepaalde andere bepalingen” [relevante bepaling: artikel 38 van Ν.2168/93] (Staatsblad A' 337/18-12-1976).
  4. Wet 663/1977 “Wijziging en aanvulling van het Wetboek van Strafvordering, het Wetboek van Strafrecht enz.” [in verband met artikel 15 van Ν.2168/93] (Staatsblad A' 215/5-8-1977).
  5. Wet 1421/1984 van 13-3-1984 “Invoer, bezit en gebruik van bijzondere wapens voor de verdoving of euthanasie van dieren”.
  6. Wet 2225/1994 “Opheffing van de vertrouwelijkheid voor de opsporing van strafbare feiten” [artikel 15 lid 1 van Ν.2168/93 in samenhang met de artikelen 20 en 21 van Wet 663/1977] (Staatsblad A' 121/20-7-1994).
  7. Wet 2334/1995 “Wijziging van Wet 2168/1993” [artikelen 1 lid 6, 2 onder ζ, 8 lid 5, 11 leden 1 en 7, 17 lid 4, 18 leden 4, 7 en 8, en 29 lid 4] (Staatsblad A' 184/6-9-1995).
  8. Wet 2452/1996 “Wijziging van Wet 2168/1993” [artikel 20 lid 2 onder γ en artikel 29 lid 4] (Staatsblad A' 283/31-12-1996).
  9. Wet 2510/1997 “Ingetrokken bepalingen van Wet 2168/1993” [artikel 37] (Staatsblad A' 136/1-9-1997).
  10. Wet 2721/1999 “Dragen en gebruiken van wapens” (Staatsblad A' 112/3-6-1999), gewijzigd en aangevuld bij artikel 2 van Wet 3388/2005 (Staatsblad A' 225/12-9-2005).
  11. Wet 2873/2000 “Dienstkwesties” [wijziging van artikel 16 lid 3 onder β van Ν.2168/93] (Staatsblad A' 285/28-12-2000).
  12. Wet 3065/2002 “Wijziging van Wet 2168/1993” [artikel 3 lid 2] (Staatsblad A' 251/18-10-2002).
  13. Wet 3169/2003 “Dragen van wapens, gebruik van vuurwapens door politieambtenaren, hun opleiding in het gebruik daarvan en andere bepalingen” (Staatsblad A' 189/24-7-2003).
  14. Wet 3254/2004 “Regeling van aangelegenheden betreffende de Olympische en Paralympische Spelen van 2004 en andere bepalingen” (Staatsblad A' 137/22-7-2004).
  15. Presidentieel Decreet 491 van 16-6-1978 “Over de visserij met een onderwaterharpoengeweer”.
  16. Presidentieel Decreet 373/1985 “Over recreatieve en sportvisserij” (Staatsblad A' 131/22-7-1985).
  17. Presidentieel Decreet 254/2004 “Gedragscode voor politieambtenaren” (Staatsblad A' 238/2-12-2004).
  18. VERORDENING van 29-12-2000 “Burgerluchtvaart — Nationale Veiligheidsverordening” (Staatsblad B' 38/19-1-2001).
  19. Advies nr. 12 van 8-9-1992 van de procureur-generaal bij de Hoge Raad over de voortgezette geldigheid van Wet 29/1943 “Over de gevallen waarin de openbare macht wapens mag gebruiken”.
  20. Politiebeschikking nr. 34 van 30-11-1977 “Over de voorwaarden voor het verlenen van vergunningen voor het bezit van wapens die historische erfstukken vormen”; zij blijft van kracht totdat de in Wet 2168/1993 bedoelde beslissing is vastgesteld.
  21. Besluit nr. 8441 van 28-4-1979 “Over de werking van schietbanen die worden beheerd door openbare sportautoriteiten, publiekrechtelijke rechtspersonen en erkende verenigingen” (Staatsblad B' 427/5-5-1979).
  22. Gezamenlijk ministerieel besluit nr. 3009/2/4 van 10-6-1987 “Indeling van bepaalde voorwerpen als wapens” (Staatsblad B' 296/15-6-1987).
  23. Besluit nr. 3329 van 15-2-1989 “Voorschriften voor de productie, opslag en het in de handel brengen van explosieve stoffen” (Staatsblad B' 132/21-2-1989). Het werd gewijzigd bij Gezamenlijk Ministerieel Besluit Φ.28/18787/1032 van 7-8-2000 (Staatsblad B' 1035/23-8-2000) [zie hieronder]. Ook Besluit 3009/2/68γ van 31-7-2001 (Staatsblad B' 1063/10-8-2001) is relevant [zie hieronder].

BESLUITEN KRACHTENS WET 2168/1993: ^
De volgende handelingen zijn nu ingedeeld in geldende / gecodificeerde regelgevende handelingen, recentere wijzigingen, bijzondere categorieën en historisch / vroeger kader.
GELDENDE / GECODIFICEERDE REGELGEVENDE HANDELINGEN:
  1. Ministerieel Besluit 3009/2/20στ/1994 — vergunningen voor de aankoop en het bezit van jachtvuurwapens (zoals gewijzigd en van kracht / gecodificeerde toepassing).
  2. Ministerieel Besluit 3009/2/23α/1994 — bewijsstukken en procedure voor de afgifte van vergunningen krachtens Wet 2168/1993 en Wet 456/1976 (zoals gewijzigd en van kracht / gecodificeerde toepassing).
  3. Ministerieel Besluit 3009/2/28γ/1994 — veilige opslag van vuurwapens, munitie, explosieve stoffen en explosieve mechanismen (zoals gewijzigd en van kracht / gecodificeerde toepassing).
  4. Ministerieel Besluit 3009/2/26α/1994 — bij te houden registers en verplichtingen van natuurlijke en rechtspersonen die activiteiten verrichten met wapens, munitie, explosieve stoffen en verwante voorwerpen (zoals gewijzigd en van kracht / gecodificeerde toepassing).
  5. Ministerieel Besluit 3312/20-7-1994 — voorwaarden en procedure voor vergunningen voor het bezit en dragen van wapens aan boord van schepen onder Griekse vlag, voor zover van toepassing.
RECENTERE WIJZIGINGEN:
  1. Ministerieel Besluit 3009/2/80δ/2003 — wijziging van bepalingen inzake vergunningen voor jachtvuurwapens en de aankoop/uitvoer van wapens door buitenlandse onderdanen.
  2. Ministerieel Besluit 3009/2/177-α΄/2020 (Staatsblad B' 4705/23-10-2020) — latere wijziging van de belangrijkste procedures inzake vergunningen, veilige opslag en bewijsstukken.
  3. Ministerieel Besluit 3009/2/177-λγ΄/2023 (Staatsblad B' 5387/11-09-2023) — latere wijziging van de belangrijkste besluiten, in het bijzonder 3009/2/20στ, 3009/2/23α, 3009/2/28γ en 3009/2/26α.
BIJZONDERE CATEGORIEËN:
  1. Verzamel-, historische of familie-erfstukken: Ministerieel Besluit 3009/2/84δ/2004 en de bijbehorende bijzondere procedures voor indeling, invoer, handel en bezit.
  2. Schietsport-/sportvuurwapens: Ministerieel Besluit 4325/1999 en aanverwante handelingen betreffende vergunningen voor het bezit van schietsportvuurwapens en patronen en de verplichtingen van sportverenigingen.
  3. Explosieve stoffen, laders en ontstekers: Ministeriële Besluiten 2254/230/Φ.6.9/1994 en 3329/1989, Besluit Φ.28/18787/1032/2000 en aanverwante bijzondere handelingen, voor zover van toepassing.
  4. Bijzondere toepassingen / vervoer / handel / invoer–uitvoer: de relevante ministeriële besluiten zijn per geval van toepassing binnen het geldende kader van Wet 2168/1993.
HISTORISCH / VROEGER KADER:
  1. De overige oudere besluiten, adviezen, politiebeschikkingen en regelgevende handelingen uit de periode 1979–2005 worden bewaard als historisch of vroeger toepasselijk documentatiemateriaal, tenzij zij in specifieke gevallen nog steeds gelden.

    HISTORISCHE / ADVISERENDE BESLISSINGEN VAN DE CENTRALE GEZONDHEIDSRAAD: ^
  1. Besluit nr. 2178 van 12-3-1991 van de Centrale Gezondheidsraad, vastgesteld tijdens zijn 81e plenaire vergadering: “Traangassprays”.
  2. Besluit nr. 21 van 16-3-1992 van de Centrale Gezondheidsraad, vastgesteld tijdens zijn 92e plenaire vergadering: “Elektrische-ontladingsapparaten”.

    HELLEENSE SCHIETFEDERATIE: ^
  1. Geldende voorschriften van de Griekse Schietsportfederatie, schutterskaarten en het regelgevend kader voor de schietsport.
  2. Tuchtreglement van de Griekse Schietsportfederatie (herziening 2019), gewijzigd in 2022, en de overige momenteel geldende reglementen.

    WETGEVING OVER FLARES, VUURWERK, PYROTECHNISCH SPEELGOED EN LANCEERINRICHTINGEN ENZ.: ^
  1. Wet 456/1976 “Over lichtkogels” (Staatsblad A' 277/19-10-1976), zoals gewijzigd en van kracht.
  2. Wet 2168/1993 “Regeling van aangelegenheden betreffende wapens, munitie, explosieve stoffen, explosieve mechanismen en andere bepalingen”, zoals gewijzigd en van kracht, in het bijzonder bij de Wetten 4678/2020, 5187/2025 en 5256/2025, met inbegrip van bepalingen die verband houden met Wet 456/1976.

    BOSWETBOEK: ^
  1. Wetsdecreet 86/1969 “Boswetboek” (Staatsblad A' 7/18-4-1969), zoals gewijzigd en van kracht.
  2. Wet 998/1979 betreffende de bescherming van de bossen en bosgebieden van het land, zoals gewijzigd en van kracht.
  3. Wet 5037/2023 betreffende recentere wijzigingen van bepalingen van het Boswetboek, waaronder artikel 268 van Wetsdecreet 86/1969.

    INDICATIEVE RECHTSPRAAK OVER ZAKEN BETREFFENDE WAPENS ENZ.: ^
  1. De volgende beslissingen worden vermeld als indicatieve rechtspraak binnen het geldende kader van Wet 2168/1993, zoals gewijzigd en van kracht, in het bijzonder bij de Wetten 4678/2020, 5187/2025 en 5256/2025.
  2. Beslissing nr. 1059/1984 van de Hoge Raad, Zesde Strafkamer: “De noodlanding van een vliegtuig dat wapens vervoert wegens een technisch defect vormt geen noodtoestand en sluit strafrechtelijke aansprakelijkheid niet uit.”
  3. Beslissing nr. 1013/1985 van de Hoge Raad: “Cassatie wegens ontoereikende motivering met betrekking tot het verweer dat de wapens onbruikbaar waren.”
  4. Beslissing nr. 124/1993 van het Drieledige Hof van Beroep te Athene: “Spray”.
  5. Beslissing nr. 2843/1994 van de raadkamer van de rechtbank te Thessaloniki: “Mesaanval op twee leden van het Europees Parlement”.
  6. Beslissing nr. 60/1995 van de Hoge Raad, Vijfde Strafkamer: “Vouwmes — zakmes”.
  7. Beslissing nr. 313/1996 van het Militair Hof van Beroep te Athene: “Gebruik van een mes als wapen — verkrachting”.
  8. Beslissing nr. 1163/1996 van het Hof van Beroep te Thessaloniki: “Mes”.
  9. Beslissing nr. 8/1996 van het Militair Hof van Beroep te Athene: “Dragen en gebruiken van een mes als wapen”.
  10. Beslissing nr. 282/1998 van de raadkamer van de rechtbank te Patras: “Dragen en gebruiken van een mes als wapen”.
  11. Beslissing nr. 161/1999 van de Militaire Gerechtelijke Raad te Thessaloniki: “Verwijzing wegens opzettelijke doodslag — schoten door militairen”.
  12. Beslissing nr. 2069/2000 van de rechtbank te Athene: “Alarmpistool”.
  13. Beslissing nr. 64/2000 van de raadkamer van het Hof van Beroep te Piraeus: “Het dragen van munitie vormt onrechtmatig wapendragen”.
  14. Beslissing nr. 900/2000 van de Hoge Raad, Vijfde Strafkamer: “Gebruik van een mes als wapen”.
  15. Beslissing nr. 683/2001 van de Hoge Raad, Vijfde Strafkamer: “Ook een bijl is een wapen, als een soort slag- of snijwapen”.
  16. Beslissing nr. 987/2001 van de Hoge Raad: “Overschrijding van de grenzen van noodweer door een politieambtenaar die met een mes was aangevallen”.
  17. Beslissing nr. 3395/2003 en andere daarmee verband houdende beslissingen van het Derde Drieledige Hof van Beroep voor Misdrijven te Athene: “17Ν-zaak”.
  18. Beslissing nr. 5635/2004 van het Drieledige Hof van Beroep te Athene: “Alarmpistolen — kinderspeelgoed”.
  19. Beslissing nr. 9126/2004 van het Drieledige Hof van Beroep te Athene: “Alarmpistool — lichtkogels”.
  20. Beslissingen nrs. 514–514-515/2007 van het Gemengd Hof van Assisen te Athene: “Residuen op de hand van de verdachte”.

TELECOMMUNICATIE / STEM - GELUID - VIDEO / DIGITAAL BEWIJSMATERIAAL - INTERNET^

    WETGEVING INZAKE SCHENDING VAN COMMUNICATIEGEHEIM - BESCHERMING VAN PERSOONSGEGEVENS: ^
  1. Grondwet, artikel 19 - vertrouwelijkheid van communicatie en onafhankelijke administratieve autoriteiten (zoals herzien en van kracht).
  2. Artikelen 370, 370Α, 370Β, 370Γ van het Strafwetboek (Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - schending van communicatiegeheim, telefonische communicatie en computerprogramma’s/-gegevens.
  3. Artikel 253A van het Wetboek van Strafvordering (Wet 4620/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - bijzondere onderzoeksmaatregelen voor criminele organisaties en terroristische daden, samen met artikelen 187 en 187Α Strafwetboek.
  4. Wet 3115/2003 - Griekse Autoriteit voor Waarborging van Communicatiegeheim (ADAE) (zoals gewijzigd en van kracht).
  5. Wet 5002/2022 - procedure voor opheffing van communicatiegeheim, cyberbeveiliging en bescherming van persoonsgegevens van burgers.
  6. Presidentieel decreet 47/2005 - procedures en technische/organisatorische waarborgen voor opheffing en waarborging van communicatiegeheim, voor zover van toepassing.
  7. Wet 3471/2006 - bescherming van persoonsgegevens en privacy in elektronische communicatie volgens Richtlijn 2002/58/EG (ePrivacy), gewijzigd.
  8. Verordening (EU) 2016/679 - Algemene verordening gegevensbescherming (AVG/GDPR).
  9. Wet 4624/2019 - nationale maatregelen voor toepassing van de AVG en omzetting van Richtlijn (EU) 2016/680 voor gegevensverwerking door bevoegde autoriteiten voor preventie, onderzoek, opsporing of vervolging van strafbare feiten.
  10. Wet 3674/2008 - versterking van het institutioneel kader voor waarborging van telefonische communicatiegeheim.
  11. Wet 3917/2011 - bewaring van gegevens gegenereerd of verwerkt bij elektronische communicatiediensten.
  12. Besluit ADAE 165/2011 - Regeling voor waarborging van geheimhouding van elektronische communicatie, gewijzigd, en nieuwere ADAE-regeling (Staatsblad B 4268/07-08-2025).
  13. Besluit ADAE 28/2024 - Regeling inzake veiligheid van elektronische communicatienetwerken en -diensten (Staatsblad B 551/26-01-2024).

    WETGEVING OVER TELECOMMUNICATIE, ELEKTRONISCHE COMMUNICATIE EN COMPUTERS: ^
  1. Artikel 386Α van het Strafwetboek (Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - Computerfraude.
  2. Wet 4727/2020 inzake digitaal bestuur, elektronische communicatie en andere bepalingen; omzetting van Richtlijn (EU) 2018/1972, de Europese elektronische-communicatiecode.
  3. Wet 4070/2012, zoals gewijzigd en van kracht, als aanvullend kader voor elektronische communicatie waar afzonderlijke bepalingen blijven gelden.
  4. Wet 4727/2020, artikelen 113 e.v. - bevoegdheden van de EETT, toezicht, hoorzittingen, sancties en regelgevend kader voor elektronische communicatie.
  5. Verordening (EU) 2022/2065 - DSA (DSA) en Wet 5099/2024, waarbij de EETT is aangewezen als coördinator voor digitale diensten in Griekenland.
  6. Wet 4577/2018 tot omzetting van de NIS-richtlijn en Wet 5160/2024 tot omzetting van Richtlijn (EU) 2022/2555 - NIS2 inzake cyberbeveiliging.
  7. Wet 4961/2022 inzake opkomende informatie- en communicatietechnologieën en versterking van digitaal bestuur.
  8. Wet 4411/2016 - bekrachtiging van het Verdrag van Boedapest inzake cybercriminaliteit en omzetting van Richtlijn 2013/40/EU inzake aanvallen op informatiesystemen.
  9. Richtlijn 2011/93/EU inzake bestrijding van seksueel misbruik en seksuele uitbuiting van kinderen en kinderpornografie, gekoppeld aan het geldende Strafwetboek.
  10. Elektronische communicatie - wetgevend en regelgevend kader EETT
  11. Digitale diensten - wetgevend en regelgevend kader EETT
  12. Bevoegdheden van de EETT als coördinator voor digitale diensten
  13. Postdiensten - wetgevend en regelgevend kader EETT
  14. DIAVGEIA-programma - EETT

KWESTIES VAN VERVALSING - FORENSISCH HANDSCHRIFTONDERZOEK ^

    BETEKENIS VAN TERMEN IN HET WETBOEK - DOCUMENTEN: ^
  1. Artikel 13 onder c Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - begrip document.

    MISDRIJVEN IN VERBAND MET VALUTA EN BETAALMIDDELEN: ^
  1. Artikel 207 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - valsmunterij en vervalsing van andere lichamelijke betaalmiddelen.
  2. Artikel 208 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - in omloop brengen van valse munten en andere betaalmiddelen.
  3. Artikel 208Α Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - vervaardiging van muntgeld boven de toegestane grenzen.
  4. Artikel 208Β Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - onrechtmatige vervaardiging of verspreiding van medailles of penningen die op euromunten lijken.
  5. Artikel 208Γ Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - vervalsing en misbruik van waardezegels.
  6. Artikel 209 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - manipulatie en vervalsing van immateriële betaalmiddelen.
  7. Artikel 210 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - onrechtmatige verkrijging van immateriële betaalmiddelen.
  8. Artikel 210Α Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - aanvaarding en verspreiding van onrechtmatig verkregen immateriële betaalmiddelen.
  9. Artikel 210Β Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - gekwalificeerde gevallen binnen een criminele organisatie.
  10. Artikel 211 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - voorbereidende handelingen.
  11. Artikel 212 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - vrijstelling van straf.
  12. Artikel 213 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - verbeurdverklaring.
  13. Artikel 214 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - bankbiljetten en andere daarmee gelijkgestelde waardepapieren.
  14. Artikel 215 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - onrechtmatige uitgifte van obligaties aan toonder.
  15. Wet 4947/2022 (Staatsblad A' 124/23-06-2022), waarbij Richtlijn (EU) 2019/713 betreffende de bestrijding van fraude met en vervalsing van andere betaalmiddelen dan contanten is omgezet en de bepalingen inzake immateriële betaalmiddelen zijn toegevoegd of bijgewerkt.
  16. Verordening (EG) nr. 1338/2001 van de Raad van 28 juni 2001 tot vaststelling van maatregelen die noodzakelijk zijn voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij, zoals gewijzigd bij Verordening (EG) nr. 44/2009.
  17. Richtlijn 2014/62/EU van het Europees Parlement en de Raad van 15 mei 2014 betreffende de strafrechtelijke bescherming van de euro en andere munteenheden tegen valsemunterij en ter vervanging van Kaderbesluit 2000/383/JBZ.
  18. Besluit 2001/923/EG van de Raad van 17 december 2001 tot instelling van het Pericles-programma voor de bescherming van de euro tegen valsemunterij, zoals gewijzigd bij de Besluiten 2006/75/EG, 2006/76/EG, 2006/849/EG en 2006/850/EG.

    MISDRIJVEN IN VERBAND MET DOCUMENTEN EN CERTIFICATEN: ^
  1. Artikel 216 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - valsheid in geschrifte.
  2. Artikel 217 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - vervalsing van certificaten.
  3. Artikel 218 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - vervalsing en misbruik van waardezegels.
  4. Artikel 219 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - vrijstelling van straf.
  5. Artikel 220 Sr. (Wetboek van Strafrecht - Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht) - bedrieglijke verkrijging van een onjuiste verklaring.

VOERTUIGKWESTIES^

    WEGENVERKEERSWETBOEK: ^
  1. Wet 5209/2025 “Wegverkeerscode en andere bepalingen” (Staatsblad A' 100/13-06-2025), zoals thans van kracht. De vroegere Wet 2696/1999 wordt alleen vermeld waar een historische of overgangsverwijzing nodig is.
  2. Ministerieel besluit 43500/5691 van 24-7-2002 “Methoden voor het vaststellen van het gebruik van alcohol, giftige stoffen en geneesmiddelen door bestuurders tijdens het rijden en bij verkeersongevallen” (Staatsblad B' 1055/12-8-2002), als specifiek uitvoeringsbesluit.

VINGERAFDRUKKWESTIES^

    RECHTERLIJKE BESLISSINGEN OVER VINGERAFDRUKKEN ^
  1. Beslissing nr. 1473/2000 van het Vijfledige Hof van Beroep te Athene: “Beoordeling van een vingerafdruk”.

BRAND- EN EXPLOSIEKWESTIES^

    WETGEVING INZAKE BRANDEN - EXPLOSIES ^
  1. Wetboek van Strafrecht, Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht, met name door Wet 5090/2024 betreffende artikelen 264, 265 en verwante bepalingen over brandstichting, bosbrandstichting, explosies en algemeen gevaarlijke misdrijven.
  2. Artikel 187 Sr. - criminele organisatie - bende.
  3. Artikel 187Α Sr. - terroristische handeling.
  4. Artikel 264 Sr. - algemeen gevaarlijke misdrijven, brandstichting.
  5. Artikel 265 Sr. - algemeen gevaarlijke misdrijven: brandstichting in een bos of bosgebied.
  6. Artikel 266 Sr. - brandstichting door nalatigheid en verwante bepalingen.
  7. Artikel 270 Sr. - veroorzaken van een explosie.
  8. Artikel 271 Sr. - veroorzaken van een explosie door nalatigheid.
  9. Artikel 272 Sr. - overtredingen met betrekking tot explosieven of bommen.
  10. Artikel 432 Sr. - illegale vervaardiging en levering van explosieve stoffen.
  11. Artikel 433 Sr. - schending van bepalingen voor bescherming tegen brand of brandstichting.
  12. Wet 2168/1993 “Regeling van aangelegenheden betreffende wapens, munitie, explosieve stoffen, explosieve mechanismen en andere bepalingen” (Staatsblad A' 147/3-9-1993), zoals gewijzigd en van kracht, met name door Wet 4678/2020 en vervolgens door Wet 5256/2025.

BIOLOGISCH MATERIAAL - DNA^

    WETGEVING INZAKE BIOLOGISCH MATERIAAL - DNA ^
  1. Artikel 201 Wetboek van Strafvordering - DNA-analyse, zoals thans van kracht onder Wet 4620/2019, in samenhang met de geldende bepalingen van artikelen 187 en 187Α van het Wetboek van Strafrecht van Wet 4619/2019, zoals gewijzigd en van kracht. Wetten 2928/2001 en 3251/2004 blijven historische/wijzigende verwijzingen inzake criminele organisatie, terroristische handeling en het Europees aanhoudingsbevel.

VEILIGHEIDSKWESTIES^

    VEILIGHEIDSWETGEVING ^
  1. Artikel 19 van Wet 1339/1983 “Particulier beveiligingspersoneel — aanwerving van particulieren voor beveiligings- of bewakingsbehoeften” (Staatsblad A' 35/18-3-1983). Het relevante thans geldende uitvoeringsbesluit is Ministerieel Besluit 7017/7/1-Θ΄/2020 (Staatsblad B' 2965/20-07-2020), zoals gewijzigd bij Ministerieel Besluit 7017/7/265/2025 (Staatsblad B' 6462/03-12-2025).
  2. Wet 2518/1997, artikel 19 “Voorwaarden voor de werking van particuliere beveiligingsondernemingen. Kwalificaties en verplichtingen van hun personeel en andere bepalingen” (Staatsblad A' 164/21-8-1997). Zij geldt zoals gewijzigd en van kracht, in het bijzonder na Wet 3707/2008 en vervolgens Wet 5187/2025 (Staatsblad A' 48/21-03-2025).
  3. Wet 2622/1998 “Grensbewakingsdiensten” (Staatsblad A' 138/25-6-1998).
  4. Wet 2833/2000 “Aangelegenheden betreffende de voorbereiding van de Olympische Spelen van 2004 en andere bepalingen” (Staatsblad A' 150/30-6-2000).
  5. Wet 3206/2003 “Bureaus voor particuliere onderzoeken en andere bepalingen” (Staatsblad A' 298/23-12-2003).
  6. Presidentieel Decreet 265/1999 “Organisatie van de externe bewakingsdienst voor penitentiaire inrichtingen en voor veroordeelde en voorlopig gehechte personen die in medische instellingen worden behandeld” (Staatsblad A' 216/19-10-1999).
  7. Presidentieel Decreet 56/2004 “Bekrachtiging van de wijzigingen van het Internationaal Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee (SOLAS) 74, aangenomen tijdens de Conferentie van Verdragsluitende Regeringen van het Internationaal Verdrag op 12 december 2002” (Staatsblad A' 47/11-2-2004).
  8. PROTOCOL VAN GENÈVE van 22.10.1996 “Over minimumniveaus van veiligheid voor koopvaardijschepen” (Staatsblad A' 293/13-12-2001).
  9. Overeenkomst van 11.12.1993 “Overeenkomst tussen het Ministerie van Openbare Orde van de Helleense Republiek en het Ministerie van Justitie en Openbare Orde van de Republiek Cyprus inzake samenwerking op veiligheidsgebied”, bekrachtigd bij Wet 2463/1997 (Staatsblad A' 26/26-2-1997).
topbackadd